Woningzoekende Marieke woont nog thuis: ‘Ik wil gewoon een plek die écht van mij is’
Een eigen huis, een eigen tuin en een vaste koffiemok op een eigen aanrecht. Marieke van den Boer droomt daar al jaren van. Maar na acht jaar actief zoeken heeft ze nog altijd geen eigen woning. "Bij mijn ouders heb ik het goed hoor, maar ik wil gewoon een plek voor mezelf. Zeker als je 36 bent."
Marieke staat ingeschreven bij Klik voor Wonen en is al jaren op zoek naar een sociale huurwoning in Prinsenbeek of Breda. Haar zoektocht begon al toen ze begin twintig was. “Ik had me toen netjes ingeschreven, maar ik heb mijn inschrijving stopgezet toen ik een relatie kreeg. Toen het uitging, moest ik weer helemaal opnieuw beginnen. En dan loop je meteen jaren achter.”
Inmiddels staat ze opnieuw bijna acht jaar ingeschreven, maar haar kansen zijn nog altijd klein. “Bij sommige woningen zijn er duizenden reacties. Dan staan er bijvoorbeeld 3500 mensen ingeschreven. Als je dan op plek 169 staat, weet je eigenlijk al: dit wordt ’m niet.”
Prettig wonen
Marieke zoekt het liefst een kleine eengezinswoning met een voor- en achtertuin. “Ik ben alleen, dus het hoeft niet heel groot te zijn. Maar twee of drie slaapkamers zou wel fijn zijn. Gewoon praktisch en logisch ingedeeld.” Een appartement is ook prima, als het maar prettig wonen is. “Ik ben al blij met een appartement met een ruim balkon waar je echt kunt zitten. Een eigen parkeerplek is voor mij belangrijk, ik heb een auto. En wat extra bergruimte zou ook fijn zijn.”
Zekerheid boven tijdelijk
In de tussentijd kijkt Marieke dagelijks in de app naar het woningaanbod. Toch merkt ze dat veel nieuwe woonprojecten niet passen bij wat zij zoekt. Ze noemt bijvoorbeeld woonconcepten met veel gedeelde voorzieningen. “Voor sommige mensen is dat misschien ideaal. Maar ik hoef geen gezamenlijke wasserette of gedeelde ruimtes.”
Ook tijdelijke woningen ziet ze steeds vaker langskomen. Handig voor sommige situaties, maar niet voor haar. “Zo’n tijdelijk contract van vijftien jaar klinkt misschien lang, maar het voelt onzeker. Je weet dat je daarna weer opnieuw moet zoeken.”
Vraag het de woningzoeker
Wat zou er volgens Marieke moeten veranderen op de huizenmarkt? “Er is niet één magische oplossing. En laten we eerlijk zijn: de krapte blijft de komende jaren bestaan.” Toch ziet ze wel kansen. “Betrek woningzoekenden veel beter bij wat er gebouwd wordt. Vraag gerichter wat verschillende groepen nodig hebben. Desnoods met vragenlijsten of een persoonlijk gesprek. Zodat je écht weet: wie zoekt wat? Want niet iedereen wil hetzelfde.”
Hoop houden, ook als het lang duurt
“Ik hoef niet morgen weg. Dat geeft rust. Als iets echt niet bij me past, dan reageer ik niet.” Wel wil ze graag verder. Wat haar positief houdt? “Ik denk altijd: bij anderen lukt het ook uiteindelijk. Dus bij mij gaat het ook lukken. Alleen wanneer, dat weet ik niet.”
Haar belangrijkste tip voor andere woningzoekenden: blijf ingeschreven, wat er ook gebeurt. “Dat heb ik echt geleerd. Zelfs als je gaat samenwonen of ooit een huis koopt: schrijf je niet uit. Je weet nooit hoe het loopt. Als ik dat toen had gedaan, had ik nu waarschijnlijk al een woning gehad.” Inmiddels staat ze opnieuw bijna acht jaar ingeschreven, maar haar kansen zijn nog altijd klein. “Bij sommige woningen zijn er duizenden reacties. Dan staan er bijvoorbeeld 3500 mensen ingeschreven. Als je dan op plek 169 staat, weet je eigenlijk al: dit wordt ’m niet.”
‘Ik wil gewoon een plek die écht van mij is’